Medisch Centrum NPBC
www.npbczorg.nl
Ontlastingsproblemen
Veel mensen hebben problemen met de ontlasting. Een vaak gehoorde klacht is een moeizame stoelgang (obstipatie). Ook ongewild verlies van ontlasting (incontinentie voor faeces) is een veel voorkomend probleem.
Obstipatie
Wat is het?
Bij obstipatie is er sprake van een moeizame stoelgang, waarbij de ontlasting zeer langzaam door de darmen beweegt. De ontlasting is hierdoor meestal erg hard en kan slechts met moeite, in kleine hoeveelheden, worden kwijtgeraakt. Vaak neemt de ontlastingsfrequentie af naar minder dan 3x per week en is ontlasting erg pijnlijk.
Andere klachten die door obstipatie kunnen worden veroorzaakt zijn:
- buikpijn of buikkrampen;
- misselijkheid en slechte eetlust;
- een vol of opgeblazen gevoel;
- winderigheid;
- pijnlijke scheurtjes van de anale huid;
- bloedverlies op de ontlasting of toiletpapier.
Waardoor komt het?
Vezels in de voeding zijn nodig voor een goede stoelgang. Veel vezels zitten bijvoorbeeld in brood, rijst, noten, groenten en fruit. Voedingsvezels worden niet verteerd in de darmen. Zij houden vocht vast in de ontlasting, waardoor deze zacht blijft en snel door de darmen beweegt. Bij te weinig vezelrijke voeding dikt de ontlasting in en wordt de beweging door de darmen langzamer.
Ook inname van voldoende vocht is belangrijk voor een goede stoelgang. Daarnaast bevordert een gebrek aan lichaamsbeweging obstipatie, omdat de beweging van de darmen dan ook vermindert.
Behalve door vezelarme voeding, lage vochtinname of onvoldoende beweging, wordt obstipatie veroorzaakt door medicijnen (zoals bloeddrukverlagende middelen, hoestdrank of medicijnen tegen depressie) of door langdurig gebruik van laxeermiddelen.
Minder vaak voorkomende oorzaken van obstipatie zijn een traag werkende schildklier, depressie en dikke darmkanker.
Hoe wordt het behandeld?
De behandeling van obstipatie bestaat in de eerste plaats uit het opvolgen van enkele leefregels en voedingsadviezen:
- eet voldoende vezels;
- drink minstens 6 glazen water per dag;
- zorg voor voldoende lichaamsbeweging;
- probeer de ontlasting niet op te houden;
Wanneer deze maatregelen onvoldoende effect hebben, kunnen laxeermiddelen helpen. Gebruik hiervan dient echter steeds voor korte duur te zijn, vanwege de kans op verergering van de obstipatie.
Als de obstipatieklachten langer blijven bestaan na opvolgen van deze adviezen, is het raadzaam om contact met uw huisarts op te nemen. Deze kan u zo nodig doorsturen naar het NPBC voor verder onderzoek.
Incontinentie voor ontlasting
Wat is het?
Bij incontinentie is er sprake van ongewild verlies van ontlasting. Dit kan variëren van het ongecontroleerd laten gaan van windjes of verlies van dunne ontlasting tot het niet kunnen ophouden van normale ontlasting.
Incontinentie voor ontlasting komt veel voor, met name bij ouderen. Vaak wordt het als zeer vervelend en gênant ervaren, soms zozeer dat de normale sociale activiteiten erdoor worden gehinderd.
Waardoor komt het?
De oorzaak van incontinentie is vaak gelegen in beschadiging van de kringspier, waardoor de endeldarm niet meer goed kan worden afgesloten.
Deze beschadiging treedt onder andere op bij vrouwen na een moeizame bevalling, of door operaties aan de endeldarm bijvoorbeeld voor aambeien of anale huidscheurtjes. Dergelijke schade geeft aanvankelijk meestal geen problemen, omdat de bekkenbodemspieren het verlies aan kringspierfunctie compenseren. Met het ouder worden echter verslappen deze spieren, en vaak wordt pas dan het niet goed functioneren van de kringspier merkbaar.
Ook ontstekingen van de endeldarm kunnen aanleiding geven tot ongewild ontlastingsverlies. Bij ernstige vormen van obstipatie kan lekkage van dunne ontlasting optreden (overloopdiarree). Minder vaak voorkomende oorzaken van incontinentie zijn zenuwaandoeningen zoals Multiple Sclerose (MS) of ruggenmergschade door bijvoorbeeld een dwarslaesie.
Hoe wordt het behandeld?
Incontinentieklachten kunnen vaak zonder operatie goed behandeld worden. Hiervoor is soms wel extra onderzoek noodzakelijk. Een ontlastings- en bekkenbodemfoto geeft informatie over de functie van de bekkenbodemspieren en de kringspier. Een endoscopie van het laatste deel van de dikke darm is noodzakelijk om afwijkingen in de endeldarm uit te sluiten als oorzaak voor incontentinentie.
Afhankelijk van de oorzaak en de ernst van de incontinentie kan deze worden behandeld met fysiotherapie. Door trainen van de bekkenbodemspieren kan de ontlasting beter worden opgehouden.
Soms is behandeling met medicijnen of een operatie nodig om de incontinentie te verhelpen.

